Zorgplicht en planverplichting
Gemeenten zijn verplicht om voor de riolering te zorgen. Deze 'zorgplicht' is
vastgelegd in de Wet milieubeheer. In deze wet staat ook dat gemeente een
rioleringsplan op moet stellen. In het rioleringsplan wordt beschreven hoe de
gemeente invulling geeft aan haar zorgplicht en wat zij de komende jaren op
rioleringsgebied van plan is te doen. De Wet schrijft ook voor waaraan de inhoud
van het plan ten minste moet voldoen en met welke partijen afstemming moet
plaatsvinden. Vanuit dit Gemeentelijkrioleringsplan (GRP) wordt het
Rioleringsbeheerplan opgesteld. In het Rioleringsbeheerplan zijn alle
onderhouds- en vervangingsplannen opgenomen die noodzakelijk zijn om het goed
functioneren van de diverse rioleringssystemen te waarborgen. Mens en milieu
Sinds de komst van riolering begin 1900 is de hygiëne van de Nederlandse
huishoudens met sprongen vooruitgegaan. Ook het milieu is gebaat bij het bestaan
van de huidige rioleringszorg. Het is nog niet zo heel lang geleden dat het
verzamelde rioolwater rechtstreeks op sloten, vijvers en rivieren werd geloosd.
Tegenwoordig wordt al het rioolwater eerst gezuiverd voordat het in het
oppervlaktewater terecht komt. Toch moet de vervuiling nog verder worden
teruggebracht. Vervuiling van oppervlaktewater vindt nog steeds plaats bij zware
regenval als niet al het rioolwater naar de afvalwaterzuivering kan worden
afgevoerd. Het komt dan via een overstort terecht in het oppervlaktewater. Keuzes maken
Net als de vervanging van slechte riolen kost het verminderen van de
vervuiling van het oppervlaktewater veel geld. Er zijn de afgelopen jaren al
grote vorderingen gemaakt. Toch blijven nieuwe investeringen nodig en zullen
keuzes moeten worden gemaakt. De hoogste prioriteit wordt gegeven aan het
voorkomen van overlast voor inwoners, in welke vorm dan ook. Daarom wordt
gestreefd naar een kwalitatief goede riolering tegen zo min mogelijk kosten. Met
betrekking tot het milieu komt de nadruk te liggen op duurzame oplossingen en
bronmaatregelen, zoals het afkoppelen van verhard oppervlak. Basisinspanning
Het Rijksbeleid gaat uit van een vermindering van de vervuiling van
oppervlaktewater door lozingen uit riooloverstorten. Als streefwaarde wordt
uitgegaan van een vuilreductie van 50% ten opzichte van 1992. Dit is de
zogenaamde basisinspanning. Deze eis is door het waterschap verwerkt in de
Wvo-vergunning voor de riooloverstorten. De basisinspanning is voor alle
gemeenten gelijk en moest eind 2005 zijn gerealiseerd. Om in de gemeente Wijchen
aan de basisinspanning te kunnen voldoen zijn elf voorzieningen aangelegd. In
Balgoij moet nog een voorziening aangebracht worden, deze wordt gecombineerd met
de nieuwbouw van het rioolgemaal aan de Boomsestraat. Randvoorziening
Om aan de basisinspanning te kunnen voldoen zijn in Wijchen diverse
randvoorzieningen aangelegd bij de riooloverstorten. De randvoorzieningen in
Wijchen zijn uitgevoerd als bergbezinkbassin of bergbezinkleiding. Dit is een
grote betonnen bak of leiding waarin afvalwater bij hevige regenval tijdelijk
wordt geborgen. Door deze extra inhoud aan het rioolstelsel toe te voegen, daalt
het aantal riooloverstortingen. Daarnaast is de voorziening zo ontworpen dat het
verontreinigde slib zo veel mogelijk bezinkt. Het water dat alsnog overstort
vanuit de randvoorziening op oppervlaktewater is relatief schoon. Beheer en onderhoud van het rioolstelsel
Niet alle rioolstelsels binnen de gemeente worden beheerd en
onderhouden door de gemeente. Er zijn ook stelsels die op particulier terrein
liggen en die niet door de gemeente worden onderhouden.
- Beheer van het rioolstelsel door de gemeente
Het onderhoud van de gemeentelijke riolering is geregeld in een onderhoudsplan.
In dit plan is opgenomen hoe vaak de gemalen, rioolstrengen en kolken gereinigt
en geinspecteert moeten worden. Gemiddeld wordt het hoofdriool om de zeven jaar
gereinigd en worden gemalen en kolken elk jaar een keer gereinigd. Inspectie van
het hoofdriool gebeurt één maal in de tien jaar. Bij verstopping zal de
reinigingsdienst, los van het onderhoudsschema, het riool of de straatkolk
leegzuigen. Dit vermindert de overlast en voorkomt schade aan het wegdek.
- Beheer door derden
De gemeente beheert niet alle paden en wegen die openbaar toegankelijk zijn. Met
name achterpaden in woonwijken zijn veelal van de eigenaar van het woningblok.
Indien in deze achterpaden straatkolken zijn aangebracht, is het onderhoud van
deze straatkolken en rioolstrengen in handen van de eigenaar van het woningblok.
Een voorbeeld hiervan is een complexen van woningbouwverenigingen.
|