‘Verdiepingsgesprekken potentiële coalitiepartners’ - 11 maart 2010
In de vorige editie van deze weblog is gewag gemaakt van de toch verrassende ontwikkelingen tijdens de coalitieonderhandelingen. De PvdA heeft laten weten dat zij niet langer meer beschikbaar is voor de coalitie en dat betekent dat de geplande verdiepingsgesprekken met mogelijke coalitiepartners (VVD, CDA en PvdA) een andere wending krijgen. Paul informeert op woensdagmorgen telefonisch ook de beide andere partijen hierover. ’s Middags om half vier worden de vervolggesprekken gevoerd in het koetshuis.
Gesprek met het CDA
Mark geeft aan dat het vertrouwen er bij het CDA is om samen met de genoemde partijen de komende vier jaar de klus te gaan klaren. Het CDA ligt op koers ook om vraagstukken duaal op te pakken. De voorbije periode heeft het CDA zich daar, onder andere door training en opleiding, sterk op gericht. Piet vult aan dat ook in de laatste ‘regeerperiode’ zeker wel sprake was van een duale koers. Meerdere keren hebben CDA-raadsleden binnen en buiten de fractie duidelijk gemaakt dat zij een ander standpunt innemen over een voorliggend vraagstuk. Paul kijkt hier anders tegenaan. Voor zijn gevoel was er in de voorbereiding op een besluit bij belangrijke vraagstukken te vaak een sfeer van ‘koortsachtig overleg op fractieniveau, dat er per definitie toe moet leiden dat de fractie zich achter het collegestandpunt schaart’. Binnen zijn eigen fractie werd daardoor misschien weleens te snel als tegenreactie een zeer duale opstelling gekozen.. Daardoor ontstaat er een sfeer van duellisme in plaats van dualisme, zo vult Marcel aan. En dat is niet wat KW beoogt met de gepredikte ‘versterking van de raad’. Natuurlijk moet er over en weer overleg zijn bij belangrijke besluiten, maar er moet ruimte blijven voor uiteenlopende standpunten. Daarbij is het belangrijk dat die uiteenlopende standpunten binnen de eenheid van het college bekend zijn. Het CDA kan zich goed vinden in deze redenering, zo stelt Mark. Maar het is daarbij wel belangrijk dat raadsleden hun taak goed kunnen uitvoeren. Nog te vaak zijn de agenda en de inhoud van de stukken onvoldoende duidelijk. Er moet in zijn optiek meer aandacht besteed worden aan het proces van voorbereiding, informatie en documentatie. Raadsleden moeten weten waarover ze een beslissing nemen. En niet tijdens raadsvergaderingen geconfronteerd worden met plotselinge wendingen in de informatiestroom. Een tweede gespreksonderwerp is de portefeuilleverdeling. KW neemt de portefeuille Ruimtelijke Ordening (RO) en dat betekent dat Piet na acht jaar deze portefeuille node moet overdragen. Paul geeft aan dat dit voor Piet moeilijk zal zijn omdat dit toch zijn geliefde portefeuille is. Is het niet zo dat als Marcel een koers voorstaat die niet in lijn is met de koers uit het verleden er een voordurend spanningsveld op collegeniveau ontstaat? En dreigt Piet daardoor niet in een spagaat te komen?, zo vraagt hij zich af. Piet is hier duidelijk in. Hij vindt het jammer dat hij de portefeuille RO moet overdragen. Maar uit de voorgaande gesprekken leidt hij af dat er zeker wel een interessante portefeuille voor hem in het verschiet ligt. Daar komen we in de vervolggesprekken wel uit, aldus Piet. Hij geeft aan geen behoefte te voelen om op RO-gebied een recalcitrante rol te vervullen. Hij heeft zich in het verleden binnen het college altijd constructief opgesteld en dat zal ook over RO-zaken niet anders zijn. Mark vult aan dat het in die zin verstandig is om de visie van KW op RO als uitgangspunt te nemen en de kaders daarmee in grote lijnen vast te leggen, dan kunnen daar achteraf ook geen misverstanden over ontstaan. In het vervolg van het gesprek komt ook de vraag opnieuw aan de orde of het totale portefeuillepakket door drie wethouders kan worden bestierd. Het moet allemaal wel behapbaar zijn. Mark maakt zich hier toch enige zorgen over. Of zoals hij dat stelt ‘houd wel rekening met de menselijke maat’. Daarbij komt dat er naast de bestaande portefeuille wellicht ook ruimte gevonden moet worden (anderhalve dag per week) voor een bestuursfunctie in de Stadsregio. De burgemeester heeft op dit moment een zetel in het dagelijks bestuur van de Stadsregio. Deze plaats komt vacant en de vraag is gewettigd of Wijchen zich met een wethouder kandidaat moet stellen voor deze positie, hetgeen een extra taakverzwaring inhoudt. Paul geeft aan dat KW er vanuit gaat dat het met drie wethouders moet kunnen, daar is KW ook duidelijk in geweest in het verkiezingsprogramma. In overleg met Gosse Noordewier moet beoordeeld worden hoe zich dat verhoudt tot de bestuursfunctie in de Stadsregio. En we zullen, zo stelt hij, na verloop van tijd moeten evalueren of het totale pakket aan collegetaken voor drie man inderdaad behapbaar is. Aan het eind van het gesprek hecht Paul eraan om op te merken dat er, hoewel dat gevoel er bij Piet misschien zou kunnen zijn, op voorhand geen blokkades bestonden voor een samenwerking met het CDA ic. met de persoon van Piet. KW had wel een lichte voorkeur voor een vrouwelijke kandidaat-wethouder met het oog op de totale uitstraling van het college. Nu lijkt het erop dat het beoogde mannenbolwerk in aanzien al als machtsblok kan worden gezien. Daarnaast waren er ook portefeuilletechnisch opties die met een andere CDA-kandidaat gemakkelijker zouden kunnen worden ingevuld. De boodschap van het CDA is helder: Piet is hun eerste kandidaat. Mark ziet echter wellicht ook kansen om de optie voor een vrouwelijke kandidaat te realiseren. Echter dat zou betekenen dat er toch van het aantal van drie wethouders wordt afgestapt (deeltijdopties). Dit idee wordt door KW terzijde gelegd. KW blijft in die zin achter haar standpunt staan. Gesprek met de
VVD Hoewel in een vervolggesprek deze week verder ingegaan wordt op de concrete verdeling van portefeuilles, komt dit in de aanvang van dit gesprek toch aan de orde. Geconstateerd wordt door Rob dat het toch niet gemakkelijk is om iedereen een acceptabele portefeuille aan te bieden. Met name de portefeuilles welzijn en sociale zaken zijn, gezien ook de achtergrond en affiniteit van de beoogde wethouders, minder gemakkelijk in te passen. Daarover zullen we zeker nog verder door moeten praten. Ook tijdens dit gesprek komt de taakverzwaring van een mogelijke bestuursfunctie in de Stadsregio aan bod. Afgesproken wordt dat dit meegenomen wordt in de vervolggesprekken. Overigens, zo geeft Rob aan, biedt het feit dat de burgemeester zich uit het bestuur van de Stadsregio terugtrekt, ook mogelijkheden om met hem een portefeuilleoptie te bespreken. Marcel geeft aan dat dit zeker aan de orde moet komen, maar het kan niet zo zijn dat dit een politiek beleidsveld bestrijkt. Het lijkt erop dat dit dan meer een representatieve portefeuille zou moeten zijn, waarbij bijvoorbeeld de portefeuille economie een optie is. Aan Rob wordt de vraag gesteld hoe hij denkt om te gaan met zijn positie als wethouder in relatie tot de bestuursfuncties die hij bekleedt. Deze kunnen in zekere zin toch onverenigbaar zijn. Rob geeft aan dat hij zijn functies die niet te verenigen zijn met zijn functie als wethouder direct zal neerleggen. Daarover heeft hij inmiddels al afspraken gemaakt (MKB en OVWC). Zijn functie als voorzitter van de kasteelfeesten houdt hij aan, waarbij hij wel uit zijn rol als ‘sponsorwerver’ stapt. Ook met Rob wordt ingegaan op de inzet van KW om de duale praktijk te verbeteren. Rob is duidelijk in zijn stelling dat de raad nadrukkelijk positie moet krijgen in de besluitvorming over de verschillende vraagstukken. Het is de taak van de wethouders om op voorhand goed te luisteren naar standpunten binnen de fracties en deze ook binnen het college met elkaar te delen. Tenslotte komt ook de rol van de wethouder richting het operationele proces en de ambtelijke organisatie aan de orde. Hoewel ook hij voorstander is van het sturen op hoofdlijnen, vindt Rob dat hij zicht moet hebben en moet houden op de voortgang en de inhoud van het werk binnen zijn werkterrein. Zeker als er belangrijke beslissingen op stapel staan. In dat opzicht verwacht hij dat hij tijdens het portefeuilleoverleg en met heldere voortgangsrapportages goed wordt geïnformeerd. "En als dat niet gebeurt, dan ben ik niet te beroerd om daar zelf achteraan te gaan. Ik wil niet plotsklaps tijdens een overleg geconfronteerd worden met zaken die mij niet bekend zijn", zo meent Rob stellig. Advies aan de fractie van Kernachtig Wijchen
Conclusies en afspraken na de eerste twee gesprekronden
Vrijdagmorgen 12 maart wordt dit eerste onderhandelingsresultaat besproken
met burgemeester Gosse Noordewier. Vrijdagmiddag overleggen partijen over de
concrete verdeling van portefeuilles en over de kaders voor een nadien te
redigeren coalitieakkoord. |
Gepubliceerd op 11 maart 2010 |
